donderdag 19 november 2015

Mieren, lollies, vital signs and more!

Zoals beloofd nog een wat uitgebreider verslag over de ‘wardrounds’, in Nederland de artsenvisite. De CEO is verantwoordelijk voor de wardrounds op de topfloor en een andere doctor voor de onderverdieping. Daar de CEO ook nog wel een aantal andere verantwoordelijkheden heeft begint de ronde vaak pas na 10u. Er is 1 verpleegkundige die hij zeer apprecieert tijdens de ronde omdat ze elkaar zo goed begrijpen, daarom loopt zij ook altijd mee. Een andere nurse die verantwoordelijk is voor een zaal wordt niet meer getolereerd bij de rounds, hij is volgens de dokter namelijk altijd te laat dus hij hoeft hem niet meer te zien.



Overal hangt nog informatie mbt ebola. Collega's vertelden niet geschoold te zijn, gelukkig zijn er geen verdachte patienten geweest hier. 

De voorbereiding is al een hele taak op zich. De ‘vitalsignstrolley’ moet namelijk worden geprepareerd. Dit betekent dat met wattenbollen en alcohol de trolley wordt schoongemaakt, de papieren worden bijgevuld en het grote wardroundbook wordt ingevuld met alle namen en vital signs van de patiënten. Vervolgens begint het wachten tot de CEO een telefoontje pleegt dat hij eraan komt, bij aankomst propt hij zijn zakken vol met lollies. Dan begeeft de stoet zich naar de zalen. Het gekke is dat de vital signs dus eigenlijk soort van voor de wardrounds gedaan moeten worden maar dat eigenlijk ook weer niet handig is want als de dokter ze wil weten moet het actueel zijn, dus van nu. De CEO gaat standaard zitten bij het bed (patiëntgericht!), de nurse blijft achter haar trolley staan en er drentelen nog wat andere mensen om heen. De familie is eigenlijk altijd aanwezig, het is soort verplicht om een relative 24u per dag bij je te hebben om te helpen met wassen en eten/drinken (over familieparticipatie gesproken). Als het een baby of kind betreft geeft de CEO als eerste een lolly aan het kind, als het een babietje betreft laat hij ze er aan sabbelen. Zo, de kennismaking zit wel goed zo!  

Vervolgens moet één van de nurses een summary geven van de toestand van de patiënt, de 2e dag moest ik dat doen van een zaal terwijl ik de mensen nauwelijks gezien had. Maar de CEO was met weinig tevreden gelukkig; naam, geboortedatum, woonplaats, reden van opname en wat zijn malariastatus was. Nou dat lukt me nog wel gelukkig, in mijn geweldige Engels (ahum, can you put your beans back in the bed?;). Vervolgens mompelt de dokter wat terwijl hij het hele dossier aan flarden trekt, alle netjes aan elkaar vastgeniete formulieren worden weer van elkaar afgescheurd. Het opnameformulier moet immers voorop en waarom zijn in vredesnaam de leukocyten vandaag niet gecontroleerd? De nurse weet dit ook niet zo goed en vult gelijk een aanvraagformulier in, de nurse supervisor pleegt gelijk maar een telefoontje naar het lab dat het met hoge urgentie moet worden afgenomen en ik loop met het labformulier naar het lab toe. Tijdens een volgende soortgelijke casus wordt anders gehandeld, de eerder genoemde paramedic van de emergency room brengt gelijk een venflon in en laat daaruit wat bloed in buisjes druppen, verwijderd vervolgens weer de venflon en brengt de buisjes naar het lab. Tsja, zo kan het ook inderdaad.


Het archief

‘Nurse, vital signs!’, tsja daar zijn we nog hard mee bezig… ‘Stappler, stappler please’, en de rommelige stapel papieren wordt weer aan elkaar geniet. De moeder van de baby geeft ondertussen borstvoeding, terwijl ze met haar andere hand een telefoontje pleegt. Ook de telefoon van de CEO rinkelt voortdurend en de andere nurses zijn ook populair. Een patiënt die voor X-thorax mag, mag dit ook ‘immediately’ gaan doen. Dus een van de drentelende nurses rondom het bed loopt gelijk met hem mee, de gemaakte X-thorax wordt vervolgens in een envelop achter zijn bed geplakt. Idem zo bij de transfer van een jongetje van 5 jaar die van de Intensive Care Unit overgeplaatst mag worden naar de private ward. Dit mag namelijk ook ‘immediately’, dus hup de nurse tilt hem op en draagt hem over de gang naar zijn nieuwe kamer. Niks geen gedoe met overplaatsingsorders, wat een genot!

Als er wat moet worden opgezocht over bijwerkingen van medicatie wordt het Farmocatherapeutische Kompas uit 2006 erbij gepakt, Metronidazol wordt profylactisch voorgeschreven bij malaria en op mijn vraag of er veel antibioticaresistentie voorkomt hier antwoordt de CEO ontkennend. Er moet dexamethason worden gegeven en wel ‘immediately’, bij het bereiden hiervan zie ik dat de mieren door het bakje lopen…Nergens een handboek parenteralia te vinden waar staat hoe snel iets mag worden toegediend dus alles gaat met redelijk vlotte snelheid.

Tijdens de wardrounds op de onderverdieping gaan we naar één van de onderzoekskamers waar een patiënt ligt. Verdenking TBC. Oeps. Op mijn vraag of we hem niet soort van moeten isoleren kijkt men mij bevreemd aan, hij ligt namelijk al alleen op een kamertje. Met gordijnen ervoor, een emmer om in te plassen tussen zijn benen, een wachtkamer vol andere patiënten ernaast en een zwaaiende ventilator boven hem. Hoe we wel of niet TBC gaan diagnosticeren was nog niet helemaal duidelijk omdat er eigenlijk vrijwel niks mogelijk is. De rest van de dag heb ik me maar verder niet veel meer bemoeid met dit kamertje…

In de volgende kamer word ik door de echtgenote van de patiënt uitgehuwelijkt aan haar man, ‘from now he’s your husband’. Het feit dat mijn ‘husband’ in Holland is schijnt ze niet zoveel uit te maken, een Gambiaanse echtgenoot erbij kan ook nog wel;)

Omdat de CEO de hele topfloor doet betekent dat hij ook de wardrounds op de ICU doet. Daar ligt momenteel de voormalige minister van een of ander ministerie opgenomen. Hij is erg tevreden over de zorg en laat dit ook duidelijk merken. ‘I’m so grateful for all the professional help in this ward! The whole team showed such a professional attitude. They are all a reflection of you, the head. From now on you’re not only my doctor but you are my intimate brother and friend’. Een andere tevreden patiënt zegent het hele team voor ontslag, waarop iedereen in koor met ‘amen, amen’ antwoordt.

Als een patiënt naar huis mag wordt gelijk de discharge summary ingevuld, 1 papier mag de patiënt mee en een andere verdwijnt in een dikke map. 5 minuten later is de patiënt verdwenen, geen idee of hij weet wanneer en of hij nog moet terugkomen of welke medicatie hij moet gebruiken….
De ronde bij elk bed eindigt eigenlijk standaard met de woorden van de CEO ‘slowly slowly’. Wat zoiets betekent als dat het herstel langzaam, maar zeker goed gaat. Hoopvolle woorden!

Ik word soort van geacht aanwezig te zijn bij de wardrounds, ik ga me denk ik maar standaard elke dag voorbereiden om de patiënten te kunnen presenteren voordat ik met een mond vol tanden voor de CEO staat. Ik hink nog op verschillende gedachten hoe de hele inefficiënte manier van wardrounds beter zou kunnen maar troost me ook met de gedachte dat het al jaren zo gaat en we het hier zo strak als in Holland vast niet georganiseerd krijgen;) Hoewel er al wel een competitie gaande lijkt te zijn tussen de CEO boven en de dokter onder wie er het snelste klaar is met de rounds, deze oneerlijke strijd lijkt eigenlijk al beslist gezien de drukbezette agenda en onafgebroken rinkelende telefoon van de CEO. Maar soms gebeurd het ook dat er tussendoor consulten beneden worden gedaan waardoor de wardrounds in de middag of helemaal niet worden afgemaakt.


 De happy socks doen het ook hier goed!

Zo, elke dag weer een zeer interessante ervaring dus! Sommige processen zijn me nog steeds niet echt duidelijk, ik vraag me af of dat voor mijn collega’s hier wel geldt, maar daar ga ik de komende maanden vast meer achter komen. Momenteel probeer ik samen met de verpleegkundige uit Zwitserland die hier al langere tijd werkt een aantal nieuwe dingen te bedenken. We hebben haar omgedoopt tot ‘quality manager’, dit gaat vast veel deuren openen;). De volgende keer meer hierover en ook over onze ‘spirituele’ ervaringen alhier!










donderdag 12 november 2015

Meer liefs dan leed uit Gambia!

Daar zaten we dan, hoog in de lucht. Linda (onze huisvriendin die 2 weken mee is op vakantie) was druk bezig met haar lippen stiften. Wij lachten daar heimelijk om want zodra ze op Gambiaanse bodem zou aankomen zou al haar make-up in straaltjes van haar gezicht aflopen. Janet zat heerlijk in haar gereserveerde XL- stoel te dutten, Lenneke luisterde muziek en snoot elke 3 minuten haar verkouden ranke neusje. De eindeloze Sahara (dachten we) schoof onder ons door, etensluchten bereikten onze neuzen. Gingen we voor een klef vliegtuigbroodje of smikkelden we onze meegekregen Tony-chocolony op? De keuze was niet moeilijk….Op naar Gambia, the smiling coast of Africa!




Een lift vol Westerse bagage

Zo eindelijk dus weer een teken van leven vanuit dit loeihete  en aangename land. We genieten met volle teugen van de zon, het schudden van honderden zwetende handen per dag, Afrikaanse big hips (haha;), elkaars aanwezigheid, elke ochtend hetzelfde broodje ei (wee ons cholesterolgebeente als we terug zijn;), gele taxi’s die van ellende uit elkaar vallen, ontelbare huwelijksaanzoeken (begrijpelijk natuurlijk, 3 zulke dappere Hollandse vrouwen), dikke kevers in onze schoenen, onuitputtelijke honger naar Westers eten (als je weg bent weet je pas wat je mist!), elke ochtend om half 6 gewekt worden door een luidruchtige moskee, onrustige magen die moeten wennen aan het lokale voedsel, relaxtheid (we hebben hier absoluut geen tijd om ons te haasten), liters water per dag en muggenbulten, verkoudheden en diarreeaanvallen (we houden het bij deze details). We vinden het heerlijk! (uhm dat laatste dus niet helemaal maar voorgaande items wel)


Ons dagelijks brood om de hoek

We zijn inmiddels gearriveerd in onze nederzetting in Kololi, een klein dorpje naast het toeristische deel Senegambia. We wonen in een fijn huisje omringd door een grote hoge muur met glaswerk erop. Hoe luxe is het om alle drie een eigen kamer te hebben met daarin een ventilator, ondanks dat is het nog steeds 30 graden dus zweten doen we zeker. Janet en Lenneke hebben hier eerder gewoond dus alle buren waren blij om hen weer te zien. ‘Long time Ramatoullij and Binta, welcome back!’ Inge is inmiddels omgedoopt tot Yafatoe, wat iets makkelijker uit te spreken is dan Inge? Inga? Ingie? Inga is natuurlijk ook prima;). We kregen vanmiddag trouwens een reprimande omdat onze namen moslimnamen zijn en dit natuurlijk niet kan als christenen;). We zijn nog in beraad voor nieuwe namen, suggesties zijn welkom.

Len en Janet zijn inmiddels begonnen met klussen in het nieuwe restaurant van Ade. Hoe verrassend is het dat het restaurant nog laaaaang niet klaar is maar de opening wel met Kerst gepland staat. We zijn benieuwd of het konijn dan al opgediend kan gaan worden;). De eerste reserveringen zijn in ieder geval al binnen! Inge is begonnen met werken in de Africmed Clinic. Na een ‘sollicitatiegesprek’ met de CEO (Chief Executive Officer-directeur), zijn secretaresse, 2 hoofden van de financiële administratie en 2 dokters was er toestemming om te beginnen (om dit sollicitatiegesprek te plannen was een telefoontje naar de CEO voldoende, ‘come upstairs, we are almost finished with the meeting’, almost was na 45 minuten op een stoeltje voor zijn kamer).
Normaal werken mensen hier 6 dagen maar gelukkig was 5 ook acceptabel, zelfs de werktijden (08:30 – 15:30) zijn prettig! Omdat Inge haar diploma’s is vergeten (ze wijt dit aan gebrek aan ruimte in haar koffers, anderen wijten dit aan gebrek aan inzicht…) werkt ze nu nog als ‘observer’. Dit betekent dat het toedienen van medicatie etc nog niet is toegestaan totdat de registratie als nurse in Gambia is voltooid. Hiervoor worden momenteel naarstig foto’s gemaakt door huisgenoten en familieleden in Nederland om de benodigde papieren en diploma’s overzees te krijgen.


Bordje bij de patiënt die nuchter moet zijn, hoe handig.




Drug preparation area


 Dringend oproep van het management aan alle nurses om in ieder geval elke shift de vital signs te meten.

Inge: De eerste dagen waren zeer bijzonder, net als waarschijnlijk alle komende gaan zijn. Er is een soort registratiekastje waar de nurses en doctors met hun vingerafdruk kunnen in- en uitklokken zodat precies wordt geregistreerd hoe laat ze beginnen en eindigen met hun shift. Dit wordt allemaal geregistreerd in de computer en er volgen sancties als dit afwijkend is. Ik ben benieuwd! De eerste dag stond in het teken van kennismaken met alle stafleden en een rondleiding door het ziekenhuis. Na 5 minuten plakte m’n witte Radbouduniform al aan mn lijf ondanks dat er veel ventilatoren onafgebroken aan staan. De private wards en de kantoren van de hoge bazen hebben echte airco dus ik denk dat ik daar maar veel tijd door ga brengen;). De rollen van de verschillende disciplines zijn me nog niet helemaal duidelijk, de ene is nurse, de ander medical student, de volgende is weer ooit begonnen aan zijn nurse opleiding maar is nu gewoon aan het werken…

De eerste ochtenden ben ik mee geweest met de wardrounds. Erg interessant natuurlijk omdat dit in Nederland ook m’n stokpaardje was;). In een volgende blog ga ik hier wat meer over schrijven, dat is al een blog op zich waard namelijk! Het ziekenhuis heeft 2 verdiepingen, op de onderverdieping zitten oa de out patient department en een kleine OK. Tevens zit daar de cashier, een klein financieel luikje waar de behandeling of opname contant afgerekend kan worden, hoe handig!  Ook is er een trauma room waar een paramedic verantwoordelijk voor is (hoewel een Zwitserse IC-nurse die daar ook werkt me vertelde dat hij eigenlijk een ambulancechauffeur is…). Hoe dan ook, hij heeft mijn nummer dus belt me als er ‘big big emergencies’ zijn zodat ik eventueel kan assisteren of mee kan met de ambulance. Momenteel ben in ingedeeld op de topfloor, daar zitten de male en female ward, een ICU (intensive care unit) die is opgezet door die Zwitserse IC-verpleegkundige, een labour ward en 4 private wards. Veel nurses werken hier dubbele shifts, dus van 08:00 in de ochtend tot en met 19:00 s’avonds om zo hun gezin te kunnen onderhouden. ARBO-technisch gezien geen goede tijden maar qua werkdruk moet het wel lukken als ik dat zo inschat….de verpleegpost moet continu bemand zijn omdat daar een telefoon staat dus dat lijkt iemands taak te zijn. Verder worden er om de 4 uur vital signs gemeten en medicatie gedeeld. Tussendoor wordt er heel veel gezeten in het ‘nurse station’, alwaar onderling schoenenhandeltjes worden afgesloten, er gebeden wordt als de tijd daar is, er met elkaar wordt gegeten (ik deelde mee van hun bord rijst, zij genoten van mijn appels), veel personal calls worden gepleegd en er heel veel wordt gesocialized. Als er een patiënt belt wordt de zaal bezocht, tussendoor eigenlijk vrijwel niet.

Oké, we kunnen nog wel uren doorschrijven maar aangezien deze blog dan onaantrekkelijk lang wordt en we toe zijn aan een duik in de heerlijke Gambiaanse zee zeggen we jullie weer vaarwel!