vrijdag 19 februari 2016

Afrikaanse kleedjesmarkt, compoundlife en Nimbara!

Vanuit het 40 graden hete Gambia weer een update over ons leven!
 
Lenneke en ik zijn inmiddels verhuist naar een nieuw  paleis. Althans naar het guesthouse naast het paleis;) Het is leuk om met een familie op de compound te wonen, we ervaren in levende lijve wat het Afrikaanse familieleven inhoudt; altijd bedrijvigheid,  familieleden in allerlei gradaties, een schetterende haan die ons s’ochtends wakker kraait (dit was gelukkig maar 1 dag want de volgende dag lag tie in de pan…), pannenkoekenfeestjes en ontluikende reggaemusicliefde. We oefenen salto’s en flikflaks op de trampoline (een zeer potsierlijk gezicht kan ik je vertellen), verslaan talloze slachtoffers met tafeltennissen en worden genadeloos ingemaakt met voetballen.







Onze schoenen worden gewassen;)


Uitzicht vanuit ons paleis

De afgelopen weken zijn weer voorbij gevlogen. Ik help momenteel ook een paar dagen in de week mee in een NGO (non-governmental organization), genaamd Nimbara. Dit is een woord in het Mandinka (een van de lokale talen) wat zoiets betekent als; bedankt wat je voor me doet. Het is een kleine gezondheidspost waar onder andere bloeddruk, hartslag en bloedsuiker gemeten kunnen worden. Tevens is er een apotheek waar diverse medicijnen, wondmaterialen en verpleegartikelen verkocht worden. De Libanese buurman kwam vorige week 2 zwachtels kopen. Niet omdat hij zijn benen wilde zwachtelen maar om zijn vishengel te repareren. Best creatief!



Nimbara

 Nimbara is gevestigd in Serrekunda, de grootste stad van Gambia, in een van de meest drukke straten van de stad. Zodra je de deur uitstapt komen geuren, kleuren en geluiden je tegemoet. Geuren van vlees en andere ondefinieerbare zaken omdat de buurman stukken koe aan zijn voordeur heeft hangen. Vrouwen gekleed in prachtige, kleurrijke Afrikaanse jurken. Geluiden van toeterende taxi’s, moskees die oproepen tot gebed en gillende marktmannen die hun koopwaar aanprijzen. Met de locatie zit het wel goed;).
 
Nimbara is non-profit en wil graag een bijdrage leveren om de gezondheidszorg hier naar een beter level te tillen. Dit door bijvoorbeeld niet iedereen maar antibiotica voor te schrijven (waarom iedereen Metronidazol en Ceftriaxon krijgt hier is soms een raadsel, zelfs bij bijv waterpokken) maar door weloverwogen advies te geven over ziektes, medicatie en andere gezondheidskwesties. Er zijn hier talloze apotheekjes maar de kwaliteit hiervan is bedroevend laag. Toen ik recent naar een apotheek ging voor mijn malariaprofylaxe tabletten (Lariam) kreeg ik eerst Malerone aangesmeerd. ‘Nee, ik wil graag de wekelijkse variant’. Vervolgens werd me een strip Metroprol (beta-blokker) in de hand gedrukt. ‘Nee, ook dit is niet bepaald waar ik naar op zoek ben, ondanks dat de namen best op elkaar lijken (Mefloquine en Metroprolol)’. Je kunt je voorstellen dat het best gevaarlijk kan zijn als je geen flauw idee hebt wat bepaalde medicatie inhoudt en je vertrouwt op de ‘kundige’ apotheker.
Het is heel leerzaam maar ook heel leuk om bij Nimbara betrokken te zijn. Leerzaam om te zien hoe een NGO gerund en ingericht wordt. Mooi om midden in het hart van Afrika een kleine bijdrage te kunnen leveren aan, hopelijk steeds betere, gezondheidszorg. Leuk om kids die paracetamol komen kopen blij te maken met een boekje en een pen waar ze vervolgens gelijk mee op de grond gaan zitten om het alfabet op te gaan schrijven. Wat ook een hele leuke ervaring was, was het kleren verkopen op de stoep voor Nimbara. Een vrijdagochtend om negen uur, vrouwen op weg naar de markt, een doordringende vislucht, een stad die wakker wordt. En Joseph (staff van Nimbara) en ik met een stapel kleren in een koffer voor de deur. Binnen een paar tellen waren we omringd door talloze mensen die graaiden door alle kleren, voetbalschoenen uit m’n handen rukten en me met vragende ogen aankeken voor hoeveel dalasi ik dat schattige babyjurkje wilde verkopen. Oké, op een gegeven moment was ik de wanhoop wel nabij en ben ik naar binnen gevlucht;) Haha, ook dit was weer een prachtige ervaring!  En 1 euro voor een paar vrijwel nieuwe, in Zwitserland gekochte Adidas schoenen is best goedkoop, zelfs in Afrika;). Na afloop van de verkoop ben ik nog wel boos toegesproken door diverse vrouwen omdat ik had gezegd dat ze na hun marktbezoek terug konden komen voor meer kleren. Wist ik veel dat binnen 30 minuten alles verkocht zou zijn;)



Kleedjesmarkt op de stoep
 
Nimbara wordt gerund door Lea Kinteh, een Zwitserse IC-verpleegkundige die ook in de Africmed Clinic werkzaam is. Zie de website voor meer informatie én de mogelijkheden voor sponsoring van dit mooie project! (www.nimbara.ch).
 
Vorige week heb ik met een collega die eerst in Africmed op de IC werkte een dienst meegewerkt op de IC in het Edward Francis Small Teaching Hospital in Banjul (capital). Dit is het grootste government ziekenhuis van het land met ongeveer 540 bedden. De IC hier bestaat uit 8 bedden. De beademingsmachines werken momenteel niet dus er is geen mogelijkheid tot beademing. Wel staat er naast elk bed een monitor waarmee bloeddruk en hartfrequentie gemeten kan worden, de SpO2 kabel ontbreekt helaas bij elke monitor. Omdat het een teaching hospital is betekent dit ook dat er een overload aan studenten rondloopt, op de IC bijvoorbeeld in een dagdienst minimaal 10-15 studenten. Tel daarbij minimaal 8 verpleegkundigen, diverse artsen, familieleden en andere disciplines bij op en dan weet je hoe druk en ongeorganiseerd het is in een betrekkelijk kleine ruimte. Zonder bedgordijnen of ook maar enige vorm van privacy. De patiënten die hier liggen zijn vaak heel erg ziek. Er lag bijvoorbeeld een jongetje van 3 jaar met een congenitale aandoening (welke wist niemand), die al een maand op de pediatric ward had gelegen maar nu toch maar was overgeplaatst naar IC omdat hij niet opknapte. Hij had uremic encefalopathy als gevolg van nierfalen. Hij lag zachtjes te snikken en te kreunen in zijn (natte) bed, had diverse doorligplekken op zijn billen en wonden op zijn buik en was ondervoed. Mijn hart brak toen ik hem zag…Het koste hem zichtbaar veel moeite om goed te ademen, hij rochelde soms. Het zuurstofbrilletje paste dan ook niet echt goed omdat dit een volwassen variant was. Ik heb de hele voorraadkast uitgepluisd op zoek naar een gebruikte minivariant zuurstofbril die we vervolgens goed hebben schoongemaakt, in de hoop dat dit hem wat meer comfort zou geven. Zijn moeder bracht uren geduldig door met wachten naast zijn bed. De volgende morgen overleed hij.


 

De patiënt in het bed naast hem; een 21 jarige vrouw met TEN, toxic epidermal necrolysis. Dit is een hele heftige, levensbedreigende en zeldzame huidziekte. Dit wordt in de meeste gevallen veroorzaakt door bepaalde medicatie. De oorzaak bij haar was (nog) niet bekend, ze kwam ook pas in een laat stadium naar het ziekenhuis. Haar hele huid was losgelaten, ze kon haar ogen niet meer goed openen en ook haar mond was vrijwel helemaal dicht doordat de huid of weg was of er infecties aanwezig waren. Volgens mijn collega’s was ze al iets aan de beterende hand in vergelijking met toen ze binnen was. Haar familielid hielp haar met eten, ze spoot wat melk in een spuit in haar mond, wat er vervolgens allemaal weer uitliep. Een neusmaagsonde was een week geleden al geopperd maar tot nu toe was dit nog niet gelukt doordat én de neus niet goed doorgankelijk was én er nog niet echt een bevestigend antwoord van de dokter op was gekomen…Haar lichaam schudde door de koorts (sepsis), ze prevelde zo nu en dan wat onverstaanbaars. Ook zij overleed de volgende ochtend.



The emergency trolley
 
In het bed tegenover haar lag een man, ongeveer 60 jaar oud. Hij had een grote, zeer sterk ruikende diabetische wond aan zijn voet. Het verband was in de ochtend al verwisseld dus dat hoefde nu niet te gebeuren ondanks dat zijn bed vies was van pus en wondvocht. Hij zou eigenlijk geïntubeerd moeten worden omdat zijn respiratoire situatie zo slecht was maar de machines waren kapot. Hij had een gaspende ademhaling, het was duidelijk dat hij niet lang meer te leven had. Desondanks besloot de dokter in de avond dat hij een neusmaagsonde moest krijgen. Even daarvoor vertelde mijn collega dat hij waarschijnlijk zou gaan overlijden omdat er niks meer voor hem gedaan kon worden. Ik was dan ook een beetje onthust dat hij het volgende moment een sonde bij hem wilde gaan inbrengen. Order is order dus zo geschiedde het. Ook deze man overleed een paar uur later.
 
Dan was er nog een patiënte die 4 keer haar canule verwijderde, ondanks dat ze vastgebonden lag. Het bloedbad dat dit met zich meebracht lag de gehele avond op de vloer. Haar overbuurvrouw trok haar urinecatheter eruit dus ook zij werd gefixeerd aan het bed.


Medicatiekast op IC
 
Schrijnend was het en heftig. Jong en oud, soms voelt het zo oneerlijk dat ze in ons land en in onze ziekenhuizen waarschijnlijk wel een goede kans hadden gehad om te overleven. Of een goede kans hadden gehad om waardig en ‘comfortabel’ te kunnen sterven. Het werken op de scheidslijn van leven en dood, intens mooi maar ook soms intens verdrietig.
 
Over anderhalve maand zit het Afrikaanse leven en werken er weer op. We kijken ernaar uit om terug te gaan maar aan de andere kant willen we graag altijd 30 graden, de zee op 5 minuten afstand en altijd-groetende-mensen-op-straat. Goed, mixed feelings dus die vast nog veel erger gaan worden de komende weken;)
 
 
 
 

zaterdag 23 januari 2016

Een 21e verjaardag in Gambia, Afrikaanse busreizen en meer!

Zo, na een lange radiostilte zijn we er weer!
 
Om te beginnen een culinaire update; het nieuwe restaurant is nog steeds niet geopend omdat er wederom een lekkage is. Dit is al 2x eerder voorgekomen, zelfs het slopen van het plafond heeft hier blijkbaar niet voor geholpen. De verwachting dat het restaurant met de Kerst geopend zou zijn is dus helaas niet waargemaakt. Maar goed, in Afrika is alles mogelijk dus we zetten nu in op Kerst 2016. Desalniettemin vermaakt Janet zich nog prima in het andere restaurant waarvan ze de naam eer aan doet (African Queen).


Lenneke is momenteel soort van verantwoordelijk voor de kinderen van de voorganger van de kerk, omdat hun moeder in Amerika is voor een paar weken. Ze helpt hen bij het huiswerk en haalt hen elke dag op van school. Dat ophalen gaat in een grote Transponder Jeep (of zoiets). Dat was natuurlijk in het begin makkelijker gezegd dan gedaan. Alle metertjes werken niet namelijk dus het is altijd een grote verrassing hoeveel fuel er nog in zit en hoe ver je nog kunt rijden. Het starten is ook altijd weer een avontuur en neemt wat tijd in beslag. Eerst voorgloeien, vervolgens een aantal keren de automatische ramen open en dicht doen en nog wat vreemde handelingen voordat er een gegrom uit de motorkap komt. Tevens is de draairadius vrij groot dus zit Lenneke regelmatig met rode gestresste konen in de auto en loopt Inge eromheen om te checken of er niks geschampt wordt. Of dat we niet over een kudde kuikentjes rijden. Goed, tot zover de auto van Len. O ja, en de verwarming gaat helaas ook niet meer uit dus voorin zitten betekent een ware dubbele hittegolf.


Hope, Joshua, Lenneke en Jessica
 
We hebben inmiddels ook de verjaardag van Lenneke achter de rug. De indeling hiervan wisselde van dag tot dag. Van ‘nee, ik vier het niet hoor, al dat gedoe’ tot ‘oké, ik nodig gewoon de hele kerk uit’. Dat laatste werd wel heel letterlijk genomen want er was zelfs een heuse announcement in de kerk dat de verjaardag van Lenneke plaatsvond en dat iedereen ‘in time’ daar moest zijn. Waarna de halve kerk natuurlijk alsnog pas s’avonds laat aankwam. Maar het was een heuse gezellige kringverjaardag met ballonnen en een keidure verjaardagstaart. De door Janet gebakken bananenpannekoeken waren in een mum van tijd op, de door Inge gesneden watermeloen werd met argusogen bekeken en vermeden. Tsja, die bleek inderdaad niet helemaal goed meer te zijn, of althans vrij oud. Wat ze natuurlijk niet wisten was dat die meloen voor 500 dalasi’s (10 euro) werd en Inge daarop luid protesterend wegliep en we em uiteindelijk meekregen voor 70 dalasi (ongeveer 2 euro). Dat verklaarde misschien achteraf ook de staat van de meloen… Vrienden uit de kerk brachten een hele DJ uitrusting mee, ook waren er een aantal zeer professionele dansers aanwezig die hun benen om hun hoofd konden vouwen, op hun knieën konden lopen en nog meer niet nader toe te lichten dingen konden met hun lichamen. Haha, het was zeer vermakelijk en leerzaam. En ja hoor, natuurlijk mag je je stukje verjaardagstaart mee naar huis nemen om er morgen nog verder van te genieten;)



Nog een extra verjaardagscadeautje;)
 
Almost last but not least; het bezoek van Jan-Paul natuurlijk. Inge heeft 2 weken rondgelopen met een glimlach die niet meer van haar gezicht af te krijgen was;). De extra tas met allerlei lekkernijen en cadeautjes viel natuurlijk ook in goede aarde, we eten nu alleen nog maar fairtrade hagelslag als ontbijt (dat is niet waar natuurlijk want het is ongeveer al op). Maar paaseitjes, kaas, chocoladesaus, stroopwafels en lollies. Onze heupen en bloedsuikerspiegels hebben ervan genoten.



Heel fijn dat er inmiddels ook een groentetuin hier is aangelegd! De tuinkers en veldsla groeien als een malle!

Jan-Paul heeft Inge liefde (nog meer) bijgebracht voor de muziek van Johnny Cash en Eddie Vedder. In ruil daarvoor heeft Inge Jan-Paul Dakar (Senegal) laten zien. De reis hiernaartoe was interessanter dan de stad zelf. Als eerste natuurlijk of we daadwerkelijk zouden gaan vertrekken, tot grote verbazing van Janet en Lenneke die er echt van overtuigd waren dat we liever lui op het strand zouden gaan liggen. Niet dus hé. De 1e twee taxi’s gingen vrij soepel en goedkoop omdat dat nog vertrouwd gebied was. De ferry van Banjul (hoofdstad van Gambia) naar Barra was een ander verhaal. Die zat namelijk vol, en met vol bedoelen we heel erg vol. Bussen, auto’s, vrachtwagens, kippen, geiten, mensen. En dat allemaal ongeveer 10 keer meer dan de toegestane gewichtshoeveelheid. We wilden heel graag mee maar de hekken waren gesloten. Maar voor ‘wat geld’ deed iemand schichtig het achterhek open en stormden we naar de boot. Althans, Jan-Paul rende met de backpack ernaartoe en Inge kuierde er op haar dooie gemakje achteraan. Goed, we hebben dus veilig de overkant bereikt, alwaar het vertrek van alle mensen van de veerboot eruitzag als een echte Exodus.


Na een taxiritje naar de Senagelese grens (helaas exclusief ons wisselgeld, ondanks een boze Jan-Paul), een aantal indrukwekkende stempels in ons paspoort en een spannende rit achterop een scootertje kwamen we aan bij de bus naar Dakar. Eindelijk! In de bus werden we verrast door onze Gambiaanse achterbuurman die zijn Nederlandse inburgeringsexamen aan het leren was en op weg was naar de ambassade hiervoor. Zijn Nederlands was vermakelijk en ook best goed, heel grappig dat hij ook constant ‘sjonge jonge’ zei, als dat geen echte Nederlander wordt;). Hij leerde ons de waarde van CFA (Senagalese munteenheid), haalde broodjes met stukjes kippenvet en nodigde ons uit om te komen slapen in het huis van zijn oom aan de rand van Dakar. Waar we natuurlijk geen nee tegen zeiden! Op een matrasje in de woonkamer, foto’s bekijken van zijn Nederlandse vrouw, bucketshowers, we hebben ervan genoten!


Weer een van de onduidelijke politiecheckpoints waarbij alle koffers onderzocht werden op smokkelwaar.

We hebben veel geslenterd door Dakar en  Ile de Gorée bezocht (voormalig slaveneiland). Indrukwekkend om dit stukje geschiedenis ook te zien, als Nederlanders hebben we een niet zo fris verleden als het om slavernij gaat helaas…


De terugweg was wederom een echte belevenis. Na een kamikazerit in de taxi door Dakar, 6 uur wachten bij het busstation en talloze potjes kolonisten van Catan verder vertrok de bus uiteindelijk maar een half uur later dan gepland. De eerste helling die de bus nam leverde een hevige verbrande rubbergeur op maar de bus reed gewoon door. Na 2 uur schrokken we wakker doordat de bus hevig begon te slingeren en ongeveer bijna omviel…Een klapband, in de middle of nowwhere. 2 uur lang zijn alle mannen uit de bus bezig geweest om dit te repareren. Wij genoten ondertussen van de prachtige sterrenhemel en verzonnen onze eigen sterrenbeelden. O ja, en hadden natuurlijk ook ons aandeel in de reparatie, Jan-Pauls zakmes en hoofdzaklampje en Inge’s waarschuwings-afrem-zakklamp-vaardigheden kwamen goed van pas. Terwijl de krik op de bus stond en alle vrouwen verder sliepen in de bus (best zwaar leek ons) werd de band gefixt. Met de nodige vertraging kwamen we dus de volgende ochtend veilig aan. Wat dus niet zo vanzelfsprekend is hier! Aan alle goeds komt weer een einde, zo ook aan het bezoek van J-P. Gelukkig gaat de tijd snel en komt ook maart weer (soms schrikbarend) snel dichterbij.


Het inladen van 15 balen hooi neemt ook wel wat tijd in beslag!


Als je Effio-sokken maar goed zitten;)


Bezoeken van agriculture projects in Lamin, Gambia. Er wordt veel zoete aardappel en rijst verbouwd, verder ook tomaten, pinda's en cassave.


Als dat geen fervente birdwatchers zijn mét vogelboek en mét verrekijkers;)


Parasite tree, een boom die zich als een parasiet om een andere boom slingert en hierdoor deze boom afsterft.


Een kudde koeien op het strand.


Jaja, ook Jan-Paul moet eraan geloven. Meemarcheren in de boys- en girlsbrigade in Marakissa.



Het ziekenhuis heeft het de afgelopen weken wat minder met Inge moeten doen door het bezoek van Jan-Paul (ik krijg regelmatig boze vragen van collega’s waarom ik hem niet aan hen heb voorgesteld, tsja tijdens ons voorstelrondje was niet al het personeel van het ziekenhuis aanwezig;). De afgelopen weken ben ik onder andere bezig geweest met het herinrichten en ordenen van de 2 ambulances. De ambulances zijn vernoemd naar de 2 zoontjes van de CEO, Amadou en Mammoet, best creatief. Laatstgenoemde doet niet echt zijn naam eer aan, want het is allesbehalve en Mammoet. Hij valt van ellende ongeveer uit elkaar dus het is fijn dat er nu een ‘nieuwe’ Duitse ambulance is gearriveerd. Waar bijvoorbeeld een echte Nederlandse RAVU machine in zit, waarmee alle vitale functies gecontroleerd kunnen worden (zoals SpO2, HF, RR, ECG), ook zit er een defibrillator op. Best leuk allemaal, maar niet als niemand die machine begrijpt en daarom niet gebruikt. En de oplader ontbreekt. En niemand daar wat aan veranderd. Goed, na 4 weken is eindelijk de charger uit het huis van de CEO opgetrommeld en heb ik de drivers geïnstrueerd dat ze elke dag de batterijen moeten vervangen en het emergencyteam hoe ze de machine kunnen gebruiken. Best frustrerend om te merken dat het uiteindelijk nog steeds niet echt wordt gebruikt (omdat apparatuur toch te onbekend is?) en de checklist dagelijks braaf wordt ingevuld maar de chauffeurs alsnog geen flauw idee hebben wat ze nou precies checken. Iedereen is wel apetrots op deze ambulance, by far de beste in het hele land en de trots van het hele ziekenhuispersoneel. Zo’n trots dat er zelfs een parasol boven gebouwd is om de auto te beschermen tegen de verschillende weersomstandigheden.


Tijdens het reorganiseerproces


Na het reorganiseerproces, gelabelde en ingerichte kasten.

Nog een voorbeeld van ineffectieve communicatie/cross-cultural communicatie; er ontbraken zowel machines om het bloedsuikergehalte te meten als laryngoscopen (instrument om te gebruiken bij het intuberen). Ik had dit een aantal keren aangegeven bij het ‘hoofd ambulancedienst’, die zei het al een jaar aan het vragen te zijn bij de CEO. Toen ik naar zijn kantoor ging om dit te vragen kreeg ik de bloedsuikermachines gelijk mee. Waarop mijn collega’s (terecht) boos werden op hem waarom zij het zo vaak moesten vragen en ik het na 1x vragen gelijk kreeg. De CEO zei het vergeten te zijn….Tsja, niet helemaal de juiste gang van zaken lijkt me, maar ik vraag me ook af in hoeverre dan de noodzaak en urgentie van de vraag duidelijk was vanuit mijn collega’s. Conclusie; het resource management hier kan nog duizend keer beter, maar het is ook goed om alle zegeningen te tellen;). Momenteel werk ik op de onderverdieping en help ik mee op de Acute Assessment ward en de Maternity Ward. Soms help ik ook in de Vital Signs Room, daar vindt een soort eerste triage plaats. Alle vital signs worden gemeten en bij alle nieuwe patiënten wordt een volledig bloedbeeld afgenomen (als de machine werkt). Ik begrijp nog steeds de logica niet waarom er bij ongeveer alle patiënten een bloedtest op malaria en HB wordt afgenomen, zelfs als ze met een pijnlijke enkel komen. Mijn collega’s begrijpen dit ook niet maar volgen gewoon de procedures. Voor mij is het onbegrijpelijk dat daar dan niemand actie op onderneemt, maar hier worden meestal blindelings de procedures van het management gevolgd. Als ik de sirenes van de ambulance hoor ren ik meestal naar buiten om te zien of ik mee kan of kan helpen, de ambulance voelt inmiddels als mijn baby na al de uren dat ik erin heb doorgebracht;).


Wat ook nog bizar was een paar weken geleden; er werd een emergency binnengebracht in een taxi. Ik liep mee naar de achterkant van het ziekenhuis om te kijken of ik kon helpen. Het was een surrealistisch beeld wat ik zag, een jonge man die met zijn benen door de ramen van de taxi lag, zijn armen stijfgestrekt door het andere raam. Het was overduidelijk dat hij al overleden was, zijn lichaam voelde koud aan en er was rigor mortis (lijkstijfheid) opgetreden. Desondanks werd met grote spoed het emergencyteam erbij gehaald, ik fluisterde ze gelijk in dat deze man allang overleden was. De ervaring leert hier dat er dan alsnog soms alles uit de kast gehaald kan worden, gelukkig bleef het deze keer bij de pupilcontrole en inderdaad de bevestiging van de dood. Het was een jongen van 21 jaar uit Nigeria die hier medicijnen studeerde. Hij was gevonden in zijn huis die ochtend door een vriend, waarschijnlijk was hij overleden door een astmatic attack oid. De volgende vraag was wat er met zijn lichaam moest gebeuren, volgens het hoofd van de ambulance moest hij maar in de taxi blijven liggen zodat die gelijk naar het mortuarium in Banjul kon rijden. Na veel protesten van mijn kant dat dit echt niet kon werd uiteindelijk zijn lichaam op een brancard gelegd en in een soort opslagkamertje neergezet. De major trauma room was geen optie volgens hem want die moest leeg blijven voor alle andere trauma’s…een halfuur later stond het ziekenhuisterrein vol met tientallen keihard huilende en schreeuwende medestudenten. Een trieste situatie!
 
We zijn momenteel over de helft van ons verblijf hier (voor Lenneke en Inge dan), we worden al wat melancholiek als we eraan denken dat we de mensen hier, die inmiddels vrienden zijn geworden, moeten achterlaten. Volgende week gaan we verhuizen omdat er een groep nieuwe Nederlandse studenten komt op onze compound. Ook dat stemt ons wat verdrietig want we zijn inmiddels behoorlijk gehecht aan ons plekje hier. Waar we bananen kunnen plukken in de tuin, kunnen dansen op de veranda en op het matras kunnen liggen onder de sterrenhemel. Maar aan de andere kant is het ook weer leuk om met andere mensen te gaan samenleven straks (ook daar zijn gelukkig bananenbomen en zelfs een tafeltennistafel! We voelen heuse competities aankomen!).


Heel fijn dat we ineens een stukje Giethoorn in onze straat aantreffen!

In liefde verbonden!



donderdag 24 december 2015

Lenige Hollanders, Kerst in de velden van Kololi en een trouwpartij

‘It’s the most wonderfull time of the year’ galmt overal uit de speakers. Soms loopt er een verdwaalde Kerstman over straat met een flitsende lichtgevende muts op. We gniffelen hier soms om, want in onze beleving past dit niet echt bij een temperatuur van 30 graden maar is dit onlosmakelijk verbonden met kou, sneeuw en donkere dagen rond Kerst.

We genieten volop van de Afrikaanse voorbereiding voor Kerst. Inge heeft haar best gedaan op de decoratie van het ziekenhuis met I-love-you-ballonnen (helaas waren alle ballonnen vorige week al geklapt en moest het deze week opnieuw) en ander kitscherig spul. De knallende ballonnen veroorzaken soms luide explosies, volgens een collega moesten we de patiënten maar inlichten hierover voordat ze dachten dat het ziekenhuis vol bommen zou liggen… De mannen van de housekeeping werden opgetrommeld met hun ladders om spijkers in de muren te boren om de ballonnen te kunnen ophangen, tsja of dat nou zo goed is voor de muren van het net 2 jaar oude ziekenhuis vragen we ons af. Tot de 23e 18:00 was het onbekend of de 24e December een public holiday (feestdag) zou zijn of niet maar er werden maar alvast voorlopige roosters van wie er dan wel of niet zouden moeten werken opgesteld, in afwachting van de afkondiging op TV. Mooi is dat veel moslims met christenen het Kerstfeest vieren zoals ook veel christenen met moslims het Tobaski (offerfeest) vieren.

 

Weer een transfer van een patiënt naar Senegal. Makkelijker gezegd dan gedaan, het medische team was namelijk in hun hotel dus we hebben 2 uur met de patiënt op het vliegveld gewacht in de ambulance in de brandende zon. Gelukkig was de patiënt stabiel...Hoe frappant ook dat de security van de airport niet eens wist dat de airambulance al op het vliegveld geland was...
 
Feestjes vieren hier zijn ze heel goed in, dus ook de geboorte van Jezus wordt zeer uitbundig gevierd. Dresscodes, selfies met de gehele kerk gehuld in Kerstmutsen, swingende koortjes, presentjes voor jong en oud (wij konden gelukkig ook met een pak biscuitjes naar huis;) en dansende kinderen. Er is ongeveer elke avond een kerkdienst momenteel, dus we vergaren heel wat cadeautjes op deze manier. We genieten ervan om Kerst op deze manier te vieren, om samen met anderen blij te zijn dat Jezus als kind naar de aarde kwam om Zijn leven voor ons te geven zodat wij in vrijheid kunnen leven.



Vorig weekend zijn we naar een bruiloft geweest. We wisten in eerste instantie niet van wie maar dat maakte ook niet zoveel uit. Voor een Afrikaanse bruiloft heb je natuurlijk ook traditionele kleding nodig. We hadden van een vriendin hier de stof gekocht waarmee we naar de tailor gingen. Het is altijd weer een grote verassing hoe zo’n jurkje of rok uitvalt, zoals verwacht was het inderdaad ook vrij ‘typisch’. Maar goed, hoe je er hier uitziet maakt niet zoveel uit (wat een verademing hé!). En ondanks de soms stijf omhoog staande jurk oogsten we toch veel bewonderende blikken en complimenten in onze African dresses.


Zie links 2 witte dames wachten op hun jurken;)
 

De naaimachine waar het allemaal mee gebeurd is...

Nadat de kerkdienst een uur later dan gepland begon klonk het ‘I promise to be true to you in good times and in bad, in sickness and in health …’ door de kerk heen, een mooi moment. Hierna zijn we naar Marakissa gereisd, heel leuk om met allerlei andere mensen in de bus te zitten die ook geen idee hadden wie het bruidspaar nou precies was maar die ook via-via-via waren uitgenodigd. Ondertussen wisten we natuurlijk wel een beetje wie het bruidspaar was, dorpsgenoten van een vriendin uit Marakissa. Toen we daar aankwamen was het feestgedruis al begonnen, alle omliggende dorpen waren ook uitgenodigd dus druk was het zeker. We konden gelijk meehelpen in de bediening en iedereen voorzien van een Fanta of een biertje met een bakje koekjes. Ondertussen werden er speeches gehouden die soms niet te verstaan waren doordat ze microfoon zo hard stond en het enthousiasme zo groot was. Of daar klonk weer een fluitje en begonnen 4 vrouwen uitbundig te dansen. Waarna de hele zaal weer losging. Na het aansnijden van de bruidstaart vond er een ware rel door de dorpskinderen plaats op de ballonnen die aan de boog rondom de taart hingen. Waardoor de taart bijna omviel. We kregen gauw een stuk mierzoete cake in onze handen gedrukt en zijn naar buiten gerend. Waar het alweer tijd was voor andere dansen. En nog meer dansen. We hebben heel veel zitten observeren maar op een gegeven moment kregen de kinderen Inge toch in het vizier en was een houterige dans onvermijdelijk. Waarna Lenneke zich nog dieper verschool in een hoekje. Haha, het was weer een heuse vermakelijke ervaring:-)


Het bruidspaar was wel heel erg jong...
 

Traditionele kleding
 
We hebben overnacht in Marakissa, het dorpje waar de bruidegom opgegroeid was en waar de bruiloft was. Met 5 personen op een dun matrasje terwijl de dansen doorgingen tot 4u s’nachts en de haan s’morgens om 6u weer kraaide. Zo’n nacht was het. De volgende dag zijn we in de middag soort van weggevlucht omdat alle vrouwen Lenneke bijna dwongen om mee te doen met de cultural dances omdat ze dat gisterenavond nog niet had gedaan. Niet dat Lenneke dat niet kan natuurlijk (heb je haar super lenige benen wel eens gezien?), maar je moet ook je plaats weten. Helemaal op het gebied van dans waar wij als stijve Nederlanders niet zoveel kaas van gegeten hebben. Wat schrokken we toen het busje het na 2 meter opgaf, nadat  er 3 mannen onder het busje wat gemorreld hadden en em weer aanduwden tuften we dan toch terug naar Kololi. Met een big smile en naar-vis-stinkende-handen, want we hadden een uur daarvoor vissenkoppen ontleed die samen met de rijst gegeten zouden gaan worden. We vonden het helemaal niet erg dat we dáár niet bij zouden zijn.

 
De eerste 2 maanden hier zitten er al bijna op, de tijd vliegt! We hebben 2 weken bezoek gehad van Irene, een vriendin van Inge. Wat waren we blij met de repen Tony Chocoloney, stroopwafels, banketstaaf, drop en ander lekkers. We genieten er nu nog steeds van. Oké, dat is inderdaad niet waar want het was de volgende dag ongeveer allemaal op. We kijken nu al reikhalzend uit naar het volgende bezoek (hint JP…).



We genieten nog steeds van elkaar, slechte grappen, toeristische hoogstandjes, Senegal (o nee, toch niet want dat was vrij ver rijden waar we niet zoveel zin in hadden;), ontbijtjes van onder de boom op de veranda, middagslaapjes, het ‘lenen’ van elkaars kleding, kibbelpartijen en lachbuien.




Met dank aan de fotografische talenten van Irene;)



Vissersdorp Tanji



Caring is sharing!


Tendaba

We luisteren hier deze dagen veel naar het nummer ‘Light a candle’ van Avalon, 'let’s open our hearts and shine trough the dark!'
 
‘Light a candle
For the old man who sits staring
Out a frosty windowpane
 
Light a candle
For the woman who is lonely
And every Christmas is the same
 
For the children who need
More than presents can bring
 
Light a candle, light the dark
Light the world, light a heart or two
Light a candle for me
I’ll light a candle for you
 
Light a candle
For the homeless and the hungry
A little shelter from the cold
 
Light a candle
For the broken and forgotten
May the season warm their souls
 
Can we open our hearts
to shine trough the dark?